26 maart 2023

Daeley haalt zijn B-diploma

Zaterdag 25 maart 2023

Het jongste kleinkind van Opa IJsbeer zijn heeft zo zijn voordelen. Mijn grote broer, neef en nicht hebben voor mij al de weg geëffend, hebben geleerd hoe die IJsbeer een echte opa moet zijn. En ik? Ik vind ondertussen mijn eigen weg en slinger mij overal achteraan. Een voorbeeldje? Oké, gaan jullie er maar eens recht voor zitten.


Afgelopen zomer heeft die man bijna een week lang op mij ingepraat zodat ik maar baantjes bleef zwemmen in het diepe bad op de camping in Beilen. Iedere ochtend voordat de andere campinggasten gebruik van het bad maakten trok ik mijn baantjes op mijn buik en op mijn rug. En of dat nog niet genoeg was, moest ik ook nog duiken van hem en over de hele breedte van het bad onder water zwemmen.


Het resultaat van dit alles was dat ik sterker en sterker werd en uiteindelijk ook nog mocht afzwemmen voor mijn A-diploma. Papa Daniël en mama Raema trots, zij hadden dat eigenlijk al opgegeven, maar het moment van afzwemmen in Lelystad kwam toch. Alleen vanwege Corona wel zonder publiek, zonder dat opa’s en oma’s mochten meekijken.


Even heb ik na de verhuizing van Almere naar Kampen getwijfeld of ik ook nog voor mijn B moest gaan, maar het feit dat Opa IJsbeer helemaal geen zwemdiploma heeft en ik hem dus de volgende keer misschien wel moet redden heeft mij over de streep getrokken. En vandaag is het dus zover dat ik in Zwembad De Steur in Kampen ook voor mijn B-diploma mag zwemmen.


Gelukkig ben ik niet alleen. Zo zijn er vandaag veel kinderen die voor de eerste keer afzwemmen. Wij, de B’ers dus, vormen een elftal, tien meiden en ik. Inderdaad ik als enige jongen, ja dat heeft dus zijn voordelen.


Zo val ik lekker op zonder de clown te spelen en toch wordt mijn naam hierdoor regelmatig genoemd. Makkelijk bovendien voor alle mensen die toekijken en applaudisseren als ik (en die meiden) onze opdrachten doen. We moeten bijvoorbeeld duiken, en diverse slagen zwemmen. Zowel in de lengte als in de breedte van het bad.


En dan is het bijna klaar, nog een kwestie van wenden en keren, zelfs een handstand maken hoort erbij. Waar dat nou goed voor is? Wie het weet mag het zeggen. En we eindigen uiteindelijk allemaal met watertrappelen. Niet gewoon watertrappelen, maar met een ballon om de pols. En dat valt echt niet mee.


Zeker voor mij niet want voor mij is een ballon toch echt zoiets als een bal. Anderen willen daar misschien mee gooien, maar dat geldt zeker niet voor mij. De ballon is weliswaar niet helemaal rond als een bal, maar ik beschouw die ballon toch echt als een bal aan een touwtje en dan telt er maar één ding: hoe vaak kan ik die hoog houden?


Nu ik mijn B-diploma heb mag ik dat ook in het echt oefenen, bij een echte voetbalclub. Bij DOS Kampen. Mijn eerste voorproefje heb ik al gehad en onthoud het maar goed, over tien jaar dan ben ik beroemd. Dus vergeet het niet: Daeley is mijn naam.


 

Opa IJsbeer

16 maart 2023

De schuldbekentenis

Donderdag 16 maart 2023

 

Geschreven voor de maartuitdaging 2023 van Schrijvelarij met de steekwoorden: bloemetjesgordijn, lepelaar, uienbrood, appeltaart (met of zonder slagroom), afzakkertje, gipsbeen, enkelbandage, melkopschuimer, wc-eend, driehoek of vierkant. Het moet een verhaal van maximaal 800 woorden worden. Dit is een verhaal waarbij ik dicht bij mezelf blijf.


Word ik nu de volgende beschuldigde aan iets wat sommigen een hype durven te noemen, terwijl ik juist zo begaan ben met die huidige slachtoffers en vind dat zij recht hebben op excuses. Want die vrouwen en mannen die nu naar buiten treden zijn absoluut geen lepelaars, geen kwaadsprekers. Inderdaad ik heb mij ooit ook bezondigd aan… Mijn verontschuldiging komt een beetje laat en is toch welgemeend. Alleen rechtstreeks excuses maken is een beetje lastig; als ik hun vandaag zou tegenkomen dan zou ik mijn slachtoffers absoluut niet herkennen. Daarvoor is onze ontmoeting te vluchtig geweest en het is ook al zo lang geleden. Dat laatste is overigens geen excuus.

Ik neem u vandaag mee naar een jaar of vijftig geleden toen arbeiders nog gewoon een broodtrommeltje mee naar hun werk namen en zij geen behoefte hadden aan uienbrood. Het is bovendien de tijd dat sommige Nederlandse jongens gebukt gaan onder de dwang soldaat te worden, om soldaat te zijn. Natuurlijk is er de mogelijkheid te weigeren maar ambtenaren hebben dat recht niet, die moeten hun plicht vervullen. En ja ik ben ambtenaar geweest, ben ambtenaar als ik word opgeroepen, allereerst voor de keuring en later voor het vervullen van de dienstplicht. En hoewel ik wil, weigeren mag niet.

Het is ook de tijd dat er nog gezegd wordt dat zij in het leger een echte kerel van jou maken. Wie die zij zijn zeggen ze er niet bij. Maar goed, in die zestien maanden diensttijd bij de 41ste afdeling Veldartillerie zijn er zeker plezierige momenten geweest, maar echt fijn heb ik het allemaal niet gevonden. Zeker niet tijdens die paar weken van een volledige onnodige herhalingsverplichting.

En een kerel? Nee! Dat ben ik daar niet geworden. Wel ben ik er trots op dat ik geen enkele streep op mijn mouw heb gekregen. Die heb ik geweigerd. Maar schaamte overheerst al geruime tijd, schaamte dat ik heb meegedaan om vanuit de achterkant van een legerwagen de meest schunnige dingen naar meisjes en vrouwen te roepen. Inderdaad #metoo.


Met dienstkistjes die aanvoelen alsof ik loop een enkelbandage en een helm op het bebaarde hoofd stappen wij, de dienstplichtigen, de drietonner in en maar brullen in de dorpen. Het moet voor die Duitse meisjes, ik verblijf een jaar in Seedorf, een verschrikking zijn geweest als wij er met een gestrekt gipsbeen ingaan. Inderdaad naar die tijd neem ik u dus mee en ik steek mijn hand in mijn buis, ook ik heb mij daaraan schuldig gemaakt. Vijftig jaar na dato schuif ik eindelijk het bloemetjesgordijn open en kom er vierkant voor uit. Nu de rest nog.


Wij zagen er toen geen enkel kwaad in en hadden er geen afzakkertje, aan drank hadden wij geen gebrek, voor nodig de meisjes na te fluiten. Heden ten dage begrijp ik dondersgoed dat zoiets geen zuivere koffie was. De koffie in het leger is in die tijd overigens nauwelijks te drinken. Van melkopschuimers hebben ze op de kazerne nog nooit gehoord en op bivak arriveert de koffie tijdens de lunch meestal koud.

Uiteraard is de legerleiding, die zij van een kerel maken, op de hoogte van het haantjesgedrag van de dienstplichtige soldaten, kanonniers, van ons. Gezegd wordt er echter niets van, laat staan dat er een straf volgt, geen ontslag uit dienst, geen strafcorvee, geen extra dienst om met wc-eend de toiletten te reinigen. Zolang wij maar met onze handen van die meisjes afblijven vindt de leiding het allang best. Dat laatste wordt zelfs beloond met een gezamenlijke wandeling, die menigmaal in een café eindigt met appeltaart mit Sahne.


 

Opa IJsbeer

7 februari 2023

Mijn ex

Voor de februari uitdaging 2023; opdracht: kruip in de houd van je ex.

Dinsdag 7 februari 2023

Nu wij beiden oud zijn, ja zo voelt het op mijn zeventigste, denk ik nog wel eens terug aan mijn tienertijd. Hoe zou het met hem zijn, mijn eerste vriendje. Wat waren wij nog jong en onervaren. En die eerste kus… een beetje gestolen, de tanden tegen elkaar.


Hij was wel lief, maar ook een beetje naïef. Had ook niet door dat ik niet verder wilde, niet verder mocht, omdat… En die zaterdag toen ik het uitmaakte, een paar maanden voor ons middelbare schoolexamen stond hij daar op het pad als een geslagen hond, wist niet wat hem overkwam terwijl hij het had kunnen weten. Ik droeg immers niet langer het dunne zilveren kettinkje met hartje, dat hij mij had gegeven tijdens een schoolreis naar Echternach. Zo lief.


Ik zag het wel; hij had de tranen in de ogen toen hij wegfietste nadat hij mij zoals gewoonlijk na school had thuisgebracht. Er brak toen wel iets in mij en dat kettinkje heb ik altijd bewaard.

Maar ja dat geloof hè, dat stond tussen ons in. Hij ging niet naar de kerk, terwijl mijn ouders erop stonden dat ik iedere zondag meeging zoals mijn hele familie dat iedere zondag deed. En hij hoefde niet van zijn ouders, die zelf ook niet gingen. Even dacht ik dat het nog wel goed zou komen, omdat hij soms met zijn opa ging, maar ja die was van een andere kerk. De gereformeerde en dat was toch een stuk lichter dan onze kerk, dus zat er maar één ding op.


Een paar jaar geleden zag ik hem onverwachts lopen in het dorp. Tenminste ik dacht dat hij het was, want het is zo lang geleden. Hij leek wel wat op een overjarige hippie met dat lange haar en die baard. Van een neef heb ik begrepen dat hij bij de krant werkte en soms kwam ik zijn naam ook wel tegen. Maar verder…

Geen social media voor mij en ook geen internet. Daar doen wij bij ons niet aan. Helaas! Hier zit ik dan; helemaal alleen, geen kind noch kraai, met alleen die herinneringen aan toen… En dat kettinkje.


 

Opa IJsbeer

4 januari 2023

De treinreizen van Gianny en Opa IJsbeer zijn nooit saai

Dinsdag 3 januari 2023

Hoe veel treinreizen mijn Opa IJsbeer en ik al hebben gemaakt? Ik kan het jullie echt niet vertellen. Maar het zijn er heel veel. We zijn naar bijna alle uithoeken van ons land geweest, die met de trein kunnen worden bezocht. Ik noem er een paar: Maastricht, Coevorden, Den Helder (met een uitstapje naar Texel), Eemshaven, Vlissingen. En een enkele keer zijn wij ook de grens over gestoken. Voor sommige van die reizen hebben we gebruik gemaakt van regionale treinen. In een enkel geval, vanwege werkzaamheden aan het spoor, hebben wij een stukje met de bus gereden.


Vandaag willen wij met de trein naar Hoek van Holland, een lang gekoesterde wens van opa. Nou, dat gaat dus mooi niet lukken, want de Hoekse Lijn is in 2015 al opgeheven. Een lijn waarover 125 jaar de trein tussen Rotterdam en Hoek van Holland (Strand) heeft gereden is in dat jaar bij Schiedam losgekoppeld van het Nederlandse treinnet. De lijn is toen omgezet in een metrolijn, maar bijna acht jaar later is deze nog steeds niet helemaal klaar en eindigt bij de haven van Hoek van Holland. Vanaf hier is het mogelijk het laatste stukje met een bus te rijden of te gaan lopen, want zo ver is het strand ook weer niet bij de haven vandaan.


Voor ons is het een reis van ongeveer twee uur naar de haven, terwijl ik nota bene zelf in Haven woon, maar goed dat is een ander verhaal. Wij gaan nu met de bus van Buiten naar Stad en wachten daar tot we onze kortingspas optimaal kunnen gebruiken. Wij staan daar zeker niet alleen en om vijf voor negen is het dringen geblazen om door de poortjes te komen en de trein van twee voor negen te halen. Die trein gaat naar Den Haag, maar in Leiden stappen wij over op de intercity naar Vlissingen en verlaten die trein in Schiedam voor het laatste stukje met de metro. Het wordt tijd voor koffie met appelgebak. Dit is weliswaar geen traditie maar wel heel lekker en daarvoor zoeken wij Café Prins Hendrik uit.


Om opa een plezier te doen loop ik mee tijdens een klein rondje door dit dorp dat is ontstaan op een voormalige zandplaat. Tijdens dat rondje schiet hij zijn beelden, zoals hij dat bijna iedere treinreis van ons doet. Ik zie hem gewoon groeien als hij in het groen een uitgeslagen sculptuur ontdekt.


En voor mijn plezier doen we ook nog wat meer aan Sport & Bewegen en lopen een drassig paadje van het Roomse duin op. Langs dit pad zijn diverse trimhulpapparaten geplaatst. Dit stukje duin heeft ooit onderdeel uitgemaakt van de zogenoemde Spanjaardsduinen. Door de aanleg van de Rijksstraatweg naar ’s-Gravenzande zijn deze duinen in tweeën gesplitst. Dit gedeelte dankt zijn naam aan de komst in 1905 van een katholieke kerk.


Van het oorspronkelijke Roomse duin is ook al niet zo veel meer over. Het is tegenwoordig vooral een park dat mede is ontstaan doordat in het duin tijdens de Tweede Wereldoorlog bunkers zijn ingegraven. Na de oorlog zijn die bunkers nog een tijdje bewoond geweest door mensen van wie hun woning tijdens de oorlog is vernield.


Voor wij dit dorp verlaten brengen wij nog een bezoek aan de Berghaven. Die is in de negentiende eeuw bij de Nieuwe Waterweg aangelegd als een uitvalsbasis voor de loodsbootjes waarmee loodsen naar en van de grote zeeschepen die Rotterdam aandoen, worden gebracht. Ook de reddingsboten van de KNRM zijn hier gestationeerd.


Heel even stelt Opa IJsbeer voor de veerboot naar Engeland te nemen, want de Stena Line vaart vanaf Hoek van Holland naar Harwich. Hij wil zelfs als verstekeling meegaan omdat wij geen paspoort bij ons hebben. Ik heb hem nog net niet hoeven vastbinden, maar heb mij de blaren op mijn tong moeten praten om hem van dit onzalige idee af te houden. Dus als jullie mij nu met een dubbele tong horen praten weten jullie waardoor het komt.


Maar goed het is gelukt dus kunnen wij terug naar Schiedam en vandaar met de trein naar Rotterdam waar bij Weena een lunch op ons wacht. Om een lang verhaal korter te maken is deze lunchplek niet zo ver van het station af, waar wij na het middagmaal terugkeren om onze treinreis voort te zetten. Die gaat naar Eindhoven, althans die richting uit, en dan moet er ook nog een trein komen. Dat laatste gebeurt pas na veel geproest van ons, want wij zien van alle vertragingstactieken van de treinvervoerders de humor in. Al met al een half uurtje lachen op het perron om de gekte om ons heen en een verlaten gymschoen op het spoor.

In Breda stappen wij over en nemen nu de trein naar Zwolle. Die brengt ons in Den Bosch of ’s-Hertogenbosch zoals de treinapp de Brabantse hoofdstad noemt. Het plan is hier te gaan eten, maar saai is het nooit, dat doen wij dus niet. Het weer laat te wensen over en we besluiten door te rijden naar Amsterdam Centraal, nemen daar de rechtstreekse trein naar Almere Stad en belanden op Belfort. Hier is het Grieks restaurant Yamas gevestigd waar wel vaker onze treinreizen met een heerlijke maaltijd worden beëindigd. Al met al weer een geslaagde treindag.



Opa IJsbeer 

18 december 2022

Invasie van de dino’s

De boerderij van JeZus Deel 5

18 december 2022

De volksverhuizing is van alle eeuwen en niet iets van het bijna afgelopen jaar. Mensen vluchten voor geweld of zoeken geluk, geld en liefde elders. En niet overal wordt iedereen met open armen ontvangen. Ook is er niet overal ruimte voor nieuwe woningen. Voor velen zal het daarom geen Openbaring zijn maar ook de boerderij van JeZus is ingebouwd.


Jerome en Suzanne, de tweeling Je en Zus, hebben daar nog steeds geen weet van en wachten op de verlossing van het ouder worden. Je heeft nog even geprobeerd uit te breken, te ontvluchten aan de Python, maar zijn uitvlucht is op tijd ontdekt en vaardige handen hebben hem op tijd teruggelegd in de kribbe voor het lichtjesfeest.


In de boerderij waakt ondertussen niet alleen de IJsbeer, wiens noordelijke leefwereld flink onder druk is komen te staan, maar waakt ook de Pinguïn. Zij is niet alleen op de ijzige zuidpool te vinden en heeft haar plekje daar ingeleverd voor een rol hier in de harmonieuze wereld van JeZus.


Het treinverkeer in deze veilige wereld is stil komen te liggen. Niet door het natuurgeweld maar de wens op iets meer levensruimte rond de wensboom ligt hieraan ten grondslag.


Of is deze constatering opnieuw een brug te ver voor bestuurders die uit bezuinigingsdrift werkzaamheden uitstellen en vervolgens tot de ontdekking komen dat het alsnog uitvoeren van het noodzakelijke werk wel erg duur uitvalt.


Ach, als er één schaap over de dam is volgen er meer. Dat weet de herder die zijn schaapjes wel op het droge heeft maar al te goed. Hij haalt dan ook zijn schouders op en heeft de weg richting boerderij van JeZus ook dit jaar op tijd ingezet.


Van boven kijken zij, ook al geen dag ouder, toe. Jozef en Maria genieten nog even van alle rust in afwachting van de drukte die ieder jaar rond deze tijd op hen afkomt.


Dat laatste krijgt een dubbele lading omdat vrede en oorlog in gescheiden kampen zitten, terwijl de pandemie rond de boerderij is uitgeraasd en het eerbetoon aan de derde JC mogelijk toch nog een dichterlijk vervolg krijgt in beeld en geluid.


Dat kost echter wel de nodige energie en tijd. Beide, tijd en energie, lijken aan de boerderij voorbij te zijn gegaan. Of is alles opgestookt door de engel die uit eigen belang de handen in onschuld wast?


De toegevoegde poes heeft daar geen boodschap aan en geeft kopjes aan hen die daar behoefte aan hebben. Mensen hebben die gewoonte overgenomen en omhelzen elkaar uit vreugde, uit genegenheid, uit liefde.


Zo is ook de boerderij van JeZus ontstaan. In liefde, uit liefde. De naamgever heeft zich er ook dit jaar weer over ontfermd. Achter zijn rug schuilt echter eveneens het gevaar van het einde, omdat hij in deze liefdevolle leefwereld de dino’s heeft toegelaten.


Opa IJsbeer

8 december 2022

Het sprookje van Pandora

8 december 2022

Zoals wel vaker haal ik twee essentiële zaken regelmatig door elkaar: 1. het is waar gebeurd, 2. ik heb het zelf meegemaakt. Ik zie sommigen alweer vol ongeloof met hun hoofd schudden, maar ik ben niet altijd voor één gat te vangen. Zo waar als ik hier woorden op het papier aaneenrijg zo ongeloviger de mensheid ergens, waar zeg ik niet omdat het mijn geboorteplaats is, wordt. Zo is het ook met geschiedenis die vaak wordt herschreven alsmede met sprookjes die mij in mijn jeugd zijn verteld en die op latere leeftijd een totaal andere betekenis hebben gekregen.

In mijn belevenis zie ik bijvoorbeeld dat Vrouw Holle alsnog het verkeerde meisje beloont en Roodkapje in plaats van naar haar grootmoeder te gaan tijd doorbrengt met een loverboy en daar de wrange vruchten van plukt. En hoe zit dat met het scheppingsverhaal, als een simpel iets als het Griekse woord pithos (vat, kruik) al verkeerd wordt vertaald door niet de eerste de beste maar door een geleerde als Desiderius Erasmus naar het Latijnse pyxis (doos), dan is het toch heel aannemelijk dat nog oudere verhalen nog minder waard zijn, nog minder waarheidsvinding bevatten?

Inderdaad oudere verhalen dan… het ware sprookje van Pandora is ongebruikt blijven liggen in het gebied waar Gaia door klimt naar de top van de oude kale Olympus, omringd door haar kinderen die afwisselend luisteren en haar verhalen doorvertellen. De één brengt het net ietsjes anders dan de ander. De één bergt het vertelde verhaal op in een klein kistje en de ander laat het slingeren, zoals de rivier Ismenos door het Griekse land meandert en vertakt met talloze zusjes tot rust komt in het meer van verlangen waar een ijsberende man aan de oever het weer oppikt, er zijn licht over laat schijnen en doorgeeft zoals tegenwoordig ook de Olympische fakkel van hand tot hand gaat.

Pffffff die zin is er ook weer uit. Maar nu snel verder…

Daar aan die oever dus van Ismenos, heel lang geleden, zie ik Pandora verschijnen, oprijzen uit het water, voedsel geven aan de gedachte dat de man niet zonder haar kan. Ik bewonder haar schoonheid, zelfs voor zij is aangekleed tot de vrouw zoals menigeen haar denkt te (her)kennen. Is het geen sprookje? Maar wat is het waard? Wat is zij waard omdat iedereen er het zijne van maakt, haar tot de zijne maakt! Dat laatste weiger ik pertinent omdat het schaamteloos is naar de zeden van nu en ik met de kennis van nu niet de ervaring wil hebben van #u2. Maar in gedachten… en die zijn gelukkig nog vrij.

Ik verdiep mij verder in haar, begin haar te begrijpen, voed mij met haar nieuwsgierigheid. Ik bezie haar nu met andere ogen en verwonder mij over haar dadendrang, haar lichtzinnigheid als zij voor de zoveelste keer haar kruik… Langzaam verschijnen er haarscheurtjes in het geheel. Het worden barsten die nauwelijks meer te lijmen zijn onder het vat van explosiviteit. Inderdaad Pandora als de tikkende tijdbom die afgaat als haar doos wordt geopend.

Zelden heb ik hierna meteen zoveel ellende op de wereld af zien komen. Een pandemie is er niets bij. Bijna troosteloos zijn de woorden van erkende sprookjesschrijvers die meestal hun geluk niet op kunnen aan het einde van hun fabeltje. De werkelijkheid uit haar doos laat mij iets anders zien, maar er is toch nog hoop voor de vrije vogel die wegvliegt nadat Pandora voor de tweede maal haar doos heeft geopend.

 

Opa IJsbeer


 

PS Geschreven voor de maanduitdaging december 2022 van Schrijvelarij.

De opdracht was: Welk sprookjesfiguur zou jij graag willen zijn en in als je in die vorm in zou mogen breken bij een ander sprookje, welke zou dat dan zijn. Dit mag een beschrijving zijn maar je mag natuurlijk ook je eigen sprookje erover schrijven. Veel plezier en ik denk dat 1000 woorden wel een mooi verhaal zou vormen.

28 oktober 2022

Met de geur van kippensoep

Vrijdag 28 oktober 2022

Ze heeft net de kaarsjes aangestoken en vanuit de keuken vult de heerlijke geur van de verse kippensoep langzaam de gehele benedenverdieping. Alie vind het nog iets te vroeg om de gordijnen al dicht te trekken, het is nog niet helemaal donker buiten. Ze houdt er van om de lichten van de overburen te zien.
Het geluid van een automotor die de straat indraait laat haar opkijken van de bank. Het gebeurt niet vaak dat een auto het doodlopende straatje in komt. Natuurlijk wel van de buurman maar die is een uur geleden al thuis gekomen. Nieuwsgierig geworden staat Alie op om uit het raam te kijken.

De schuur belemmert het gezicht. ‘Verdorie’, denkt zij hardop: ‘Nu zie ik nog niets. De buren zijn niet thuis. Hun auto staat weliswaar op de parkeerplaats voor hun huis, maar zij zijn nog een week op vakantie en kunnen het dus niet zijn. Ik heb beloofd een oogje in het zeil te houden, dus…’

Een beetje mopperend trekt Alie haar pantoffels uit en schiet haar wit geschuurde klompen aan. Klossend over de natte tegels gaat zij het straatje in en ziet een taxibusje staan voor het huis van Wim en Pim. De chauffeur is al uitgestapt en de deur van het busje staat wagenwijd open. Alie loopt om de schuur heen, maar ziet bij de gesloten voordeur geen chauffeur staan. ‘Waar is die gebleven?’ Zij voelt aan de poort aan de zijkant van het huis, maar die zit gewoon op slot dus daar kan hij ook niet door zijn verdwenen.

Alie schudt haar hoofd en snapt er echt helemaal niets meer van. Geërgerd loopt zij terug naar het straatje en probeert door de getinte zijruiten van het taxibusje te kijken. Nee ook daar zit niemand in. Iemand probeert haar duidelijk een loer te draaien, daar is zij nu wel van overtuigd. Zij loert onder het busje door. ‘Misschien staat er wel iemand aan de andere kant?’ Maar nee, ook dat is niet het geval.

‘Dit is geen zuivere koffie’, moppert Alie. ‘Ik denk dat ik eerst Pim en Wim maar eens ga bellen om te vragen of zij hier toch meer vanaf weten en anders moet de politie maar een onderzoekje instellen.’ Gehaast schopt zij haar klompen uit en op kousenvoeten gaat zij naar binnen. Haar gsm ligt nog op de salontafel naast de flakkerende kaarsen en net als zij haar telefoon wil pakken hoort Alie gerammel van bestek uit de keuken.

‘Wat krijgen we nou? Wie is er mijn huis ingeslopen en zit er nu echt iemand aan mijn soep?’ Bijna getergd loopt Alie de keuken in en glijdt daar uit over een plasje. Vergeefs probeert zij zich vast te houden, valt hard achterover met haar hoofd op de plavuizen. En dan wordt alles zwart.

Opa IJsbeer

PS Geschreven voor de oktoberuitdaging van Schrijvelarij, waarbij de eerste twee alinea’s moesten worden aangevuld.


3 augustus 2022

Blijf weg van de maan want anders...

Het zweet loopt van zijn rug. Met de rechtervoet op de spade rust hij even uit. Hij is nu halverwege zijn dienst. Met zijn twintigen zijn zij, netjes verdeeld in ploegen van tien. Zes uur op en zes uur af graven zij aan het systeem van greppels. Iedere greppel is vijf halve maanzolen breed en twintig hele maanzolen diep. Geen enkele greppel is even lang als een ander. Sommige staan haaks op elkaar, sommige vormen een halve cirkel, hebben de vorm van een hoefijzer, maar altijd is er wel een verbinding.

De generalisator heeft dit stelsel van greppels bedacht. Het moet de aloude maanmannetjes en -vrouwtjes beschermen tegen de komst van luchtschepen. Een horizontale landing is nauwelijks mogelijk en door het ingenieuze systeem is ook een verticale landing nagenoeg uitgesloten.

Na een minuut of tien pauze hervat hij zijn werk. Al snel gutst het zweet weer van zijn lijf. Hij laat het maar zo, in de wetenschap dat alle harde werkers hier mee te maken hebben en waarom zouden zij zich moeten schamen voor hun eigen maangeuren? Bovendien wordt de andere sekse erdoor aangetrokken, dus...

Het uitgegraven maansel wordt na een uur graven opgehaald door een andere ploeg en daarna uitgestort op de oostelijke maanketen. Op dat gebied hebben vreemde ogen zich gericht en met dit maansel proberen zij de aardsels bij de neus te nemen als die er alsnog in slagen te landen. Inderdaad het zijn hun eeuwenoude vijanden, de aardsels, die hun blik hebben gericht op het leven verlengende gangenstelsel op hun maan. Ook de kraters hebben zij gezien tijdens het rondcirkelen boven hun levensgrond. En zij denken ten onrechte dat in die kraters hun broedsels kunnen gedijen.

Zelf heeft hij overigens een tijdje onder die malle aardsels gewoond. Inderdaad om te spioneren, want de generalisator wil graag weten wat zij nu weer van plan zijn. Het leven daar was voor hem zeker niet makkelijk en vooral in dat verderfelijke Holland had hij het moeilijk. In dat lage stukje had ieder aardsel een eigen mening en sommigen waren inmiddels zo ver dat zij het verleerde vliegen op een bezemsteel opnieuw eigen hebben gemaakt. Hun komst vreest de generalisator het meest, hoe moet hij die vliegende Hollanders saboteren?

Even heeft de generalisator eraan gedacht alle bossen in brand te laten steken zodat de aardsels geen nieuwe bezemstelen kunnen maken. Maar de generalisator weet ook wel dat de oude bezems het beste vliegen, dus dat hij daar niets mee opschiet en dat door de verbrande aardkost de noodzaak om te verhuizen voor de aardsels alleen maar groter wordt.

Uiteraard heeft de generalisator contact gezocht met de Nutsen in de hoop dat die een oplossing weten. Vooralsnog hebben die nog niets te duchten van de aardsels want de tocht naar hun Mars duurt net iets te lang om al succesvol te kunnen zijn. Dus blijft er niets anders over dan te graven, het landen onmogelijk te maken en als er toch eentje door zal slippen, kan die op een warme ontvangst rekenen. Vooral de vrouwen zijn gewaarschuwd. Blijft weg van de maan want anders…

 

Opa IJsbeer


PS dit is een verhaal voor de augustus uitdaging in 2022 van Schrijvelarij


17 april 2022

Het verhaal is uit, het team gaat door

Zondag 17 april 2022

Dit is het einde van het verhaal. Huh! Inderdaad als sportverslaggever heb ik in Almere ooit het stokje aan anderen overgedragen en nu tijdens de Holland Cup 2022, dat na enige jaren afwezigheid terug is op de Almeerse voetbalvelden, wordt het tijd om weer te stoppen. Ditmaal met de verslagen van het voetbalteam waarin mijn oudste kleinzoon, onze oudste kleinzoon, meespeelt.



Ooit ben ik door een dochter uitgedaagd om de boom, die door een ouder is geplant, verder te laten groeien. Regelmatig heb ik op eigen wijze geprobeerd een verhaal te vertellen over wedstrijden, over spelers. Ook in coronatijd.


Tijdens die verhalen heb ik het team zien veranderen; velen zijn vertrokken, zowel spelers als begeleiders, trainers, als volgers. Soms omdat er hogere ambities waren. Niets mis mee als die ambities maar vanuit het kind, de speler, komen. Want alles draait immers om hen en niet om ouders, niet om grootouders en zelfs niet om de club.


Al een paar keer heb ik mij de vraag gesteld: wat voegt de verslaggever nog toe nu deze groep de puberleeftijd heeft bereikt? Waar ligt hun interesse? Bij de meisjes die naast hen een partijtje afwerken terwijl zij moeite hebben om zich te concentreren bij wat hun coach te vertellen heeft?


Zijn verhaal is immers ook dubbel. Hij wil enerzijds inzet zien, maar bovenal ook plezier. En dat laatste bijvoorbeeld via driehoekjes, maar ook acceptatie als een tegenstander beter is. En ‘handen thuis’, ‘geen schoppartij’, sportiviteit moet de boventoon voeren.


De verslaggever is het daarmee eens. En het team? Dat heeft gisteren de openingswedstrijd gewonnen en is daarna tweemaal afgetroefd. De voortzetting van het internationale evenement begint vandaag met een papieren overwinning omdat een Almeerse club geen extra team op de been kan brengen. Zoiets kan natuurlijk altijd, dus niet zeuren en dat jammer vinden voor organisatie en de betreffende club.


Terwijl ouders, grootouders en geblesseerde spelers toekijken volgt van de onder vijftien jaar van FC Almere de tweemaal vijftien minuten tegen Buitenboys. En met die wedstrijd sluit ik af. Een duel dat beslist is door de aanvoerder.

Succes jongen(s). Ik heb jarenlang genoten en zal zeker nog wel eens langs de lijn te zien zijn, maar dan zonder verslag. En die verslaggeverspet? Als een ander die wil dragen dan…



Opa IJsbeer