23 januari 2022

Achter de tralies

Het is zoals het is. Onderweg ben ik niemand tegengekomen en uitgezwaaid ben ik al evenmin. En hier staat ook al niemand te wachten op mij. Zoals reeds gezegd: het is zoals het is. Gelukkig heb ik een goede, zeer ervaren chauffeur. Galant ook, iemand die jou het idee geeft dat jij heel bijzonder bent zelfs als de situatie er eigenlijk niet naar is.

Natuurlijk weet ik wel dat het een aparte tijd, een periode waarin ons wordt gevraagd om zo weinig mogelijk te reizen. Dat de meeste mensen gevraagd is om thuis te werken en dat er daardoor weinig verkeer onderweg is. Ook een hossende menigte hoef ik daarom niet te verwachten. Hetzelfde geldt voor een erehaag, die is er niet, thuis niet en ook hier niet.

Vandaag ligt er zelfs geen rode loper voor mij klaar, iets wat ik normaliter wel ben gewend. Zelfs in het buitenland wordt die regelmatig voor mij uitgerold, bijvoorbeeld vanaf de vliegtuigtrap naar het ontvangstgebouw maar ook als ik met een limousine naar het theater wordt vervoerd ligt daar een rode loper. Niet dat dit een eis is van mij, wel nee theaterdirecteuren zijn zo blij met mijn komst dat zij hier bijna een gewoonte van beginnen te maken. Ik denk dat zij dit onderling ook zo hebben afgesproken.

Uiteraard heb ik mij al wel eens de vraag gesteld waarom zij dat doen? Waar heb ik al die aandacht nu eigenlijk aan verdiend, terwijl ik toch echt geen blauw bloed in de aderen heb. Het gaat zelfs nog een stukje verder. Eenmaal slechts heb ik de show gestolen en prompt is dat door iemand gezien en die heeft daar werk gemaakt.

Ach, ik val in herhaling: het is zoals het is. 24 Uur achter de tralies en morgen word ik weer opgehaald.

 

Opa IJsbeer


 

Geschreven voor de maanduitdaging januari 2022 van Schrijvelarij.

8 januari 2022

Yari de winterclubkampioen voor één dag

Zaterdag 8 januari 2022

Het is winter en de nationale wielerwedstrijdkalender is door regering en wielrenbond op zwart gedraaid. Althans voor jeugd en recreanten. De absolute top mag wel in actie komen. Maar wat doe je dan als club, ga je dan huilen met de wolven in het bos of grijp je de eerste de beste kans aan om een interne wedstrijd te organiseren?


In het weekend dat het NK-veldrijden wordt gehouden, rijden de Flevorennertjes van FRTC Almere (vandaag) hun winterclubkampioenschap op sportpark Fanny Blankers-Koen. De deelnemers strijden in drie grote groepen en per groep is er voor iedere leeftijd een titel te winnen.


Niet iedereen fietst even lang. Zo rijden de oudste jongens 35 minuten en de tegelijk startende dertienjarigen 25 minuten, de groep daaronder rijdt van 17 tot minuten en in de laatste serie gaat het van 15 minuten terug tot tien minuten voor twee meisjes op een mountainbike.


Zelf richt ik mij op de laatste startgroep. Dan ben ik er bovendien snel vanaf of… Heeft uw verslaggever misschien toch zo zijn eigen belangen? Hij inspecteert eerst het parcours terwijl de rennertjes even aan het terrein proeven en instructies krijgen. En desondanks kan het nog verkeerd gaan.


Dat blijkt meteen bij de eerste start, er wordt door de drie subgroepen om de minuut gestart, waarbij Luke al na een paar minuten Yari per ongeluk onderuit rijdt omdat hij te vroeg afslaat. Gelukkig is er geen schade en kunnen de twee jongens verder. Maar wel na een herstart.


Na die tweede start laat Yari Luke zijn rug zien en duikt als eerste het veld in. Daar neemt hij al snel enige meters afstand en die rug is eigenlijk ook het enige wat Luke van zijn tegenstander krijgt te zien.


Onverdroten rijdt Yari zijn rondjes en zet de ene na de andere op een ronde achterstand. Hij is duidelijk te sterk voor de rest en passeert ook in het labyrint, op een plek waar het kan, een tegenstander.

 Luke geeft zich gewonnen, aan de ontketende Yari, die zijn eerste kampioenschap rijdt en behaalt. Alleen die ene ronde gunt Luke zijn concurrent toch niet.

Misschien nog een schrale troost voor de runner-up. Vanaf morgen start de Winterclubkampioen van negen jaar in een oudere leeftijdsgroep. Yari gefeliciteerd man met jouw race.


 

Opa IJsbeer

18 december 2021

Het lichtpuntje in de duisternis

De boerderij van JeZus (vierde jaargang)

Vrijdag 18 december 2021

Van heinde en ver stromen nog steeds mensen en dieren toe op zoek naar het geheim van… Inderdaad de tweeling Jerome en Suzanne wil maar niet ouder worden en ieder jaar weer liggen Je en Zus, zoals zij worden genoemd, in de laatste maand van het jaar in de kribbe in de boerderij van JeZus.


Heel voorzichtig worden er al vergelijkingen gemaakt met dat Gallische dorpje waar Panoramix zijn toverdrankje brouwt. Is hier ook sprake van zo’n drankje of is er toch iets anders aan de hand? Geloof het of niet, veel kerkdeuren staan in deze decembermaand open maar daar is de oplossing van dit bijzondere geheim niet te vinden.


Is dat niet ouder worden van de tweeling mogelijk de kracht van het samenzijn en toch gescheiden liggen? Want voor ieder kind staat een eigen kribbe opgesteld bij de boerderij. En dat is een feit! Net zoals het een feit is dat Jozef en Maria geen last hebben van een toeslagenaffaire omdat er voldoende onbetaalde opvang aanwezig is.


De grote boze wolf uit sprookjes hoeft bovendien niet te huilen met de verongelijkten in het bos maar wordt in zo’n liefdevolle omgeving vanzelf een dier dat vriendelijk wordt begroet door de poes. En  het hondje kijkt van een afstand al even vriendelijk en kwispelstaartend toe in het besef dat het leven op de boerderij goed is. Zelfs zonder de hand van Yvon, die tevergeefs op zoek is naar het juiste adres van de boerderij van JeZus om daar een nieuwe televisieserie van te maken.


Ook een cocktail, een trio dus, van aap, slang en kangoeroe, voelt zich op deze plek thuis. Hoeft zich niet te verschuilen voor natuurlijke vijanden en voegt zich bij de schapen en het andere vee.


Terwijl de rest van de wereld zich druk maakt over de opwarming van de aarde en er gevreesd wordt voor het voortbestaan van de ijsbeer, laat dit dier juist zien over zeldzame eigenschappen te beschikken. De ijsbeer muteert gewoon mee, gekneed door alle ontwikkelingen op de Griekse eilanden en in het bijzonder Zakynthos.


En nog iets waar de mensen en de dieren op de boerderij van JeZus zich niet druk hoeven te maken. Het virus dat rond de aarde woedt heeft geen enkele vat op hen. Het is net alsof iedereen in en rond de boerderij wordt beschermd door een groot masker.


En uiteraard hebben virologen uit de gehele wereld daar een mening over. Die verschillen niet alleen van land tot land maar zelfs van onderzoeker tot onderzoeker. De gezindheidsdienst staat klaar met een vaccin om naar de boerderij te komen vliegen.


Wim heeft er samen met zijn Alice zelfs een helikopter voor beschikbaar gesteld, maar Jozef wil absoluut van geen prik weten. Hij heeft het te druk en weigert domweg zijn telefoon op te nemen.


Terecht naar blijkt, want in deze bijzondere enclave wordt niet gesnotterd en niet geproest. Oké, oké jullie hebben een beetje gelijk. Maar dat gesnotter is afkomstig van vreugdetranen. Omdat alles hier ook dit jaar in harmonie verloopt.


Opa IJsbeer

20 november 2021

Voetballen tegen de meisjes, Tot Ons Genoegen

Zaterdag 20 november 2021

Je hebt jongens en je hebt meisjes. Gossie, wat een constatering. In sommige sporten spelen zij in een team. Als voorbeeld noem ik korfbal. Ook bij voetbal gebeurt dat, maar daar is zoiets toch nog een uitzondering. Het aantal meisjesteams is de afgelopen jaren sterk toegenomen en meestal spelen zij in een eigen competitie. En een enkele keer heb je een meisjesteam dat in een jongenscompetitie meedoet, Tot Ons Genoegen. Inderdaad TOG uit Amsterdam heeft zo’n team en die ploeg is vandaag de tegenstander van het eerste elftal van de FC Almere onder 15 jaar.


Het duel wordt gespeeld op een moment dat ouders en grootouders samen met andere geïnteresseerden niet meer welkom zijn langs de lijn vanwege de corona uitbraak en achter de buitenhekken moeten blijven.


Maar ook, nadat Rordi is vertrokken, is het de eerste officiële wedstrijd onder leiding van de nieuwe trainer/coach. Flaviu is de naam.


Vanaf het eerste fluitsignaal is er meteen al een volgende verandering merkbaar. Door de trainer wordt er hoorbaar gecoacht langs de lijn. Spelers worden meteen gecorrigeerd op het moment dat zij de afspraken niet nakomen. En niet iedereen is daar even blij mee, maar zeker op de lange tijd heeft het elftal hier baat bij.


Voetballend gaat er nog heel veel mis. Zo ontbreekt precisie, maar de wil om er iets van te maken is zo nu en dan wel te zien. En dat is alweer het volgende pluspunt dat vandaag valt te noteren. Of ik nog iets heb? Er wordt zo nu en dan gelachen, zowel binnen als buiten de lijnen, en op de reservebank. Zelfs door de ouders.


In TOG heeft FC Almere vandaag ook nog eens een sportieve, maar wel felle tegenstander. Regelmatig worden de jongens afgetroefd omdat zij te afwachtend zijn. Ook op technisch gebied staan de meiden hun mannetje en vies van een schouderduw zijn zij niet. Door al die pluspunten verkrijgen de meiden een veldoverwicht, maar het levert hun nauwelijks kansen op. Pas ver in de eerste helft kruipt de groene brigade uit zijn schulp en dat levert enkele mogelijkheden op via de flanken waar de snelheid van Luca en Ian wordt gezocht, maar geen treffers. Ook TOG komt niet tot scoren zodat de teams met een brilstand de kleedkamer op zoeken.


In de tweede helft speelt de thuisploeg iets feller en komt zelfs op voorsprong door Donny, even later gaat de bal op de stip na een lichte overtreding in het strafschopgebied van Almere en prompt wordt doelman Dani kansloos gelaten. Via Senna en Ian (de bal bewust met het hoofd geschampt) loopt uit naar 3-1. Uit een vrije trap valt vervolgens nog de aansluitingstreffer, Dani  zit met de vingers nog wel aan de bal, waardoor het in de slotfase nog knap spannend is: 3-2.


Geluk heeft Almere bij een bal op de paal en een bal op de lat. Uiteraard willen de jongens niet van meisjes verliezen en ik zie diverse spelers na het laatste fluitsignaal opgelucht adem halen, omdat de drie punten over de streep zijn getrokken.


Opa IJsbeer

31 oktober 2021

En de winnaar is…

Een verhaal over kleinzoon Yari

Zondag 31 oktober 2021

Regelmatig heb ik mijn kleinzoon Yari uit school gehaald en dan fietsen wij samen vanuit de Stripheldenbuurt naar onze woning in de Faunabuurt. Eerst mee voorop (op de stang) en later zelf trappend; veilig naast (aan de binnenkant) of voor mij uit. Soms fietsen wij rechtstreeks, soms met een extra lusje. Maar sinds vijf weken is alles anders voor hem. Een keer meetrainen met de wielrentak van de Almeerse fietsclub en hij is meteen verkocht.


Wielrennen. Dat betekent eerst goed leren sturen en daarna al snel het veld in, omdat het wegseizoen is afgelopen. Dat rijden in het veld kost veel stuurmanskunst en durf. Inzicht van waar je van de fiets moet en waar je moet versnellen. En dan heb ik het nog niet eens gehad over goed verdelen van krachten, want rijden in het gras is een stuk lastiger en intensiever dan rustig peddelen door de buurt, naast je opa en dan als eerste een brug opvliegen.


Vanmorgen staat er voor hem een eerste (club)wedstrijd op het programma. De clubjeugd is ingedeeld in twee leeftijdsgroepen en onderling weer in diverse categorieën. Het rustig inrijden is niet voor iedereen weggelegd en enkeling verspeelt daar al veel kracht.


Yari is al snel warm en wil zijn ondershirt met lange mouwen uit. Wat een ijsbeer. En dan komt het moment van opspelden van rugnummers en dan weet iedere renner dat het nummer dertien ongeluk brengt. Zo’n nummer wil niemand hebben.


Wordt die alsnog uitgereikt dan gaat dat nummer op zijn kop; zelfs bij de jeugd.


Een aantal ervaren kinderen weet dat het gunstig is om dat nummer snel te pakken te pakken te krijgen. Zodra zij dat op de rug hebben zitten, kunnen zij naar de startstreep om daar een plaatsje te vinden op de eerste rij. Yari vindt een plekje op de tweede rij. Vanaf de start dringen drie jongens naar voren en kleinzoon komt heel knap als vijfde het eerste verharde gedeelte op. ‘Goed gedaan jongen’, klinkt het.


Verrassend genoeg weet onze kleinzoon zich nog een plaats te verbeteren. De afstand met de top drie wordt iets groter en achter hem rijdt een mountainbikster op een zwaar verzet rond. Op driekwart van de wedstrijd gaat er een siddering door de toeschouwers. Yari wordt door zijn vader aan de kant gezet. De knaap heeft wel veterloze wielrenschoentjes maar daar nog nooit mee gefietst en gebruikt die niet. O wat een pech een van de veters van zijn sportschoen is losgeraakt en als die om de trapper slaat… Zijn vader knoopt de veter rap dicht en dan begint de renner aan de achtervolging.


Meter voor meter trapt Yari het gaatje dicht, even bijkomen dan er voorbij. Het lukt en een welverdiende vierde plaats valt hem op de finishstreep ten deel.


Of het daarom gaat? Ach voor mij is hij de winnaar omdat hij vooral zichzelf heeft overwonnen en de rust tot het laatste toe heeft weten te bewaren. Maar ook omdat hij zo’n plezier heeft laten zien en talloze mensen heeft laten genieten.


Opa IJsbeer

23 oktober 2021

Competitiewedstrijd AS'80 - FC Almere

Over rivaliteit en toeslaan in de slotfase

Zaterdag 23 oktober 2021

Rivaliteit hoort bij sport net zoals de wil om te winnen en soms gaan sporters daarbij wel eens een grens over. Ook in de voetbalwereld is dat een bekend gegeven. Tussen sommige clubs is die rivaliteit iets groter dan met andere verenigingen en als er dan een derby wordt afgewerkt dan zijn spelers van jong tot oud bereid er een schepje bovenop te doen.


De selectie van de Jongens onder 15 van FC Almere treedt vandaag bijvoorbeeld in het strijdperk aan tegen ‘de eeuwige rivaal’ AS’80. Die vereniging is gevestigd op sportpark Klein Brandt in Almere Stad.


Een sportpark waar niet alleen tegen een bal wordt getrapt, maar ook wordt gegooid met ballen en  er tegenaan wordt geslagen; in het verleden zelfs met een knuppel. Dit park is overigens niet vernoemd naar bekende Almeerse voetballers maar naar de roeiers Roelof Klein en François Brandt, die in 1900 goud wonnen op de Olympische Spelen in Parijs bij het roeien doordat zij in de finale hun zwaardere Nederlandse stuurman inwisselden voor een lichtere (Franse) jongen. Het trekken aan spelers is dus niet iets van de huidige tijd, maar gebeurt al meer dan 120 jaar.


Zo’n twee jaar geleden speelden de selecties van AS’80 en Almere nog op hetzelfde niveau. De club uit Stad heeft echter zijn selectie fors versterkt met spelers van de concurrentie en heeft de club uit Haven achter zich gelaten. Het team van trainer/coach Rordi neemt het derhalve vandaag op tegen het tweede elftal van de thuisclub en die twee teams zijn redelijk aan elkaar gewaagd.


Veel kansen levert de strijd in eerste instantie niet op. Wel is Almere iets doortastender en komt in de 25ste minuut terecht op voorsprong door een prachtig afstandsschot van Bram, waarbij de bal onderweg licht van richting wordt veranderd door een verdediger.


Ook na de 0-1 blijft Almere de aanval zoeken en een tweede treffer is vlak voor rust in de maak. Ian gaat op snelheid langs zijn man, legt terug op Donny die nog even strand maar de opgekomen Gianny werkt het leer alsnog snoeihard tegen de touwen. Maar… Inderdaad hier volgt een maar, want de grensrechter legt de arbiter in de luren door voor buitenspel te vlaggen en dat signaal wordt door de scheidsrechter gehonoreerd.


Ook na de pauze is Almere aanvankelijk iets beter, maar het team verzuimd afstand te nemen. Op het moment dat het hart van de defensie het te mooi wil doen slaat AS’80 keihard terug. En ditmaal helpt vlaggen voor buitenspel niet en wordt het advies van de grensrechter, die wel even wordt geraadpleegd, genegeerd.


Almere heeft het nu even heel lastig, maar Dani doet hierna een paar keer waarvoor hij tussen de palen staat en houdt zijn ploeg op de been. Ver in de tweede helft kan aanvoerder Gianny


na een aanslag niet verder en keert Luca, lang geblesseerd geweest, terug in het elftal. En juist hij maakt in de slotfase met zijn snelheid het verschil. Zijn scherpe voorzet vanaf rechts wordt een minuut voor tijd door Ian tegen de touwen gewerkt. AS’80 weet dat het vandaag is verslagen door een hecht team dat net ietsjes beter is.

Opa IJsbeer

16 oktober 2021

Competitiewedstrijd FC Almere - FC Amsterdam

Drie punten en opgelucht adem halen

Zaterdag 16 oktober 2021

Een goede voorbereiding is het halve werk, maar soms, heel soms… Als verslaggever van het eerste elftal van de Onder 15 jaar van FC Almere ben ik uiteraard al vroeg in de kantine te vinden en drink daar mijn kopje koffie. Schiet deze en gene aan voor de laatste nieuwtjes. En de opstelling? Ach die heeft trainer Rordi in zijn hoofd zitten en hij zet de jongens nog heel even op scherp want met name de afwerking lijkt nergens naar.


Vandaag is het een kwestie om weer eens drie punten thuis te houden. Niet alleen voor de spelers is dat belangrijk, maar ook voor de trainer en de vaste kern die voor deze wedstrijd op de tribune van het hoofdveld is te vinden. Zelfs de voormalige trainer heeft daar plaatsgenomen en wie hem kent weet dat hij zijn mond niet kan houden en zo nu en dan een aanwijzing roept. En of de jongens die ook hebben opgevolgd? Niet echt, maar mogelijk hebben zij dat ook niet gehoord.

Over de eerste helft kan ik heel kort zijn. Een kans hebben de bezoekers gekregen; een schot van zo’n 25 meter en daar had doelman Dani weinig moeite heeft. Voor de groene brigade regent het mogelijkheden, mede door het goede samenspel tussen de diverse linies. Slechts een kans wordt er verzilverd, door Donny, al in de zevende minuut. Door de slordige afwerking blijft het tot het rustsignaal daardoor spannend.


In de rust heeft Rordi aangegeven dat de backs iets meer moeten opkomen en dat de diepte moet worden gezocht. Dat gebeurt vooral aan de linkerkant via Ian en als die meteen na de hervatting wordt weggestuurd schrikt een verdediger daar zo van dat hij de bal in eigen doel werkt net voor de Almeerse aanvoerder kan intikken. Twee minuten later ligt nummer drie er al in en weer is Ian de aangever. Jaylano mag twee keer afdrukken en de tweede keer is raak.


Op de tribune wordt opgelucht adem gehaald, dit kan wel eens een monsterscore worden. Maar het tegendeel is waar. Het spel van de Almeerders wordt steeds slordiger, te veel wordt er op de tegenstander gelet en er worden veel onnodige overtredingen gemaakt. Goed en attent ingrijpen van Dani voorkomt dat FC Amsterdam kan tegenscoren en zo de wedstrijd nog echt spannend maakt.


Na afloop is iedereen aan Almeerse zijde en dus ook de trainer opgelucht. ‘Ik ben hier nu drie maanden en vooral in het begin heb ik moeten wennen. Zowel aan de spelers als aan de omgeving. In de regio waar ik vandaan kom, wordt er iets anders gereageerd. Zelf ben ik niet het type coach dat schreeuwend langs de kant staat, hoewel ik merk dat sommige jongens dat wel verwachten.’


Dat de tweede helft iets minder is, betekent ook voor hem weer werk, want volgende week staat de volgende wedstrijd al weer op het programma. Dan gaat de groene brigade naar sportpark Klein-Brandt en de wedstrijden tegen AS’80, de bespelers van dat sportpark, zijn altijd lastig.


Opa IJsbeer