Normaal
Het is zeven uur
nog akelig vroeg
de vogeltjes die fluiten
De vuurbol stijgt
boven de bomen uit
en zet de huizen in
een warme gloed
Verkeer raast
op weg naar werk
wat minder auto's
dan normaal want
het is Goede Vrijdag
10 april 2009
8 april 2009
6 april 2009
Aaibaar
Tussen de redelijk deftige Landgoederenbuurt en de veel gewonere Bouwmeesterbuurt ligt het groene Poldervlak. Voorlopig weer even gered. De intentie om door dit groene gebied een tweede ontsluitingsweg – van Stad naar Buiten - aan te leggen is van de baan. Voorlopig van de baan, want wat de toekomst ons nog brengt weten we niet.
Tussen de redelijk deftige Landgoederenbuurt en de veel gewonere Bouwmeesterbuurt ligt het groene Poldervlak. Voorlopig weer even gered. De intentie om door dit groene gebied een tweede ontsluitingsweg – van Stad naar Buiten - aan te leggen is van de baan. Voorlopig van de baan, want wat de toekomst ons nog brengt weten we niet.
Nee het is geen verwijzingsbord naar de vlindertuin, waar ook straks talloze libelles worden herboren. Het is een aardewerkbord. Kennelijk heeft hier iemand een deel van zijn servies gedeponeerd. ‘Oh, dit is de derde al’, zegt de dankbare Landgoederenbuurtman.
Zijn aandacht gaat daarna uit naar de wipkip. Die bestaat nog steeds; en in tegenstelling tot op het geveerde diertje mag Gianny hier wel op zitten.
Onze ontdekkingstocht gaat langs de sierkippen en hanen, naar de pony, waar hij van Tineke uit de buurt moet blijven. Daar moet opa IJsbeer maar verder opletten, want mamoe pakt haar training weer op en verdwijnt al snel uit zicht.
3 april 2009
Weer
Nee, ik ben geen weerdeskundige, werk niet bij het KNMI, ben dus geen weerman, laat staan een weervrouw en wie mij voor een weerwolf houdt, heeft mij nog nooit goed bekeken.
Nee niet weer een uitgebreid verhaal. Gewoon zomaar weer een tussendoortje in een klein kwartiertje weggetikt. Over het weer, dat toch echt geen weer is. Alweer niet.
Maar goed niet afdwalen; het weer is alweer geen weer. Nee, ik zeur niet over het weer en het is ook geen geklaag, ik som slechts feiten op.
De temperaturen liggen weer ver boven het gemiddelde van deze tijd van het jaar. Op het strand van Blaricum lagen de eerste mensen alweer te bakken. Wel weer een beetje vroeg. Of ze het water ook weer in zijn geweest? Misschien weer met hun grote teen. Maar ik ben doorgesjeed en heb het ze weer niet gevraagd. Stom natuurlijk want dan had ik hier weer iets te vertellen.
Nu beperk ik me maar weer tot de tuin, het terrein van Tineke. Na een dag werken is die wel weer even aan wat rust toe en zij heeft zich daarom weer achter in de tuin genesteld. Terwijl ik weer eens een eenpansgerecht in elkaar frutsel geniet zij van de laatste stralen zon.
Waarna we weer heerlijk ontspannen van onze eerste buitenmaaltijd van dit jaar genieten.
Na het ondergaan van de zon, gaat devuurkorf weer aan en die geeft zoveel warmte af, dat zij het nog wel weer een uurtje vol weet te houden. Terwijl dit weerverhaal op het net verschijnt, zit zij nog buiten en geniet weer van de merels, die weer volop hun riedel laten horen.
31 maart 2009
Gianny-eren
Ruziezoeker. In mijn verouderde woordenboek is dat de vertaling voor kemphaan. Toch is dat niet de kemphaan die de naamgevers van het Almeerse stadslandgoed voor ogen hadden. Nee, het terrein langs de Waterlandseweg is vernoemd naar Philomachus Pugnax.
De kenners weten al genoeg, de onwetenden vragen zich af: wie is Philomachus Pugnax?
Het lijkt in de verste verte niet op het woord kemphaan.
Nou die vraag is dus ook verkeerd gesteld. Het moet zijn: wat is Philomachus Pugnax?
En het antwoord is dan eensluidend: kemphaan. Een vogel die tot de familie van de strandlopers behoort en op vochtige graslanden en moerassen broedt. En vochtig was het in den beginne in Flevoland. Maar of die kemphaan er ook daadwerkelijk rond heeft gelopen? Ik heb zo mijn twijfels en bij het Almeerse educatieve centrum blijft men het antwoord ook schuldig. ,,Geen idee mijnheer.’’
Fazant is in dat kader misschien ook een betere naam voor het landgoed dan van die ruziezoeker, met zijn hanige baltsgedrag. De fazant, een echte scharrelaar, heeft trouwens heel wat schade veroorzaakt aan de akkers, die de eerste jaren van de polder eigendom waren van het rijk. Kan dat de reden zijn dat niet voor zijn naam is gekozen? De fazant is weliswaar net zo kleurrijk als de kemphaan, maar toch beduidend minder stoer.
En stoer is het landgoed zeer zeker.
Je kunt er heerlijk over dwalen, het gebruiken als startpunt voor een wandeling van Staatsbosbeheer, de stadsboer is op het terrein gevestigd, er is een winkel (niet altijd open) en een restaurant, en het educatieve centrum Eksternest (stond ooit bij Almere Haven in het Beginbos) is er gevestigd. En vanwege die combinatie kom je regelmatig schoolkinderen tegen, die een praktijklesje in de open lucht krijgen.
En natuurlijk mag ik de apen niet vergeten, waar we ons met zijn allen heerlijk aan kunnen vergapen.
Er zijn niet zoveel soorten als op de Apenheul. Daar staat tegenover dat de toegang op de Kemphaan gratis is. Het apenterrein waar men vrijelijk mag komen is echter klein. Het is ook niet bedoeld als dierentuin, maar als opvang voor apen, voor en door stichting AAP. Veel van die dieren worden in quarantaine gehouden en vervolgens weer ergens uitgezet.
Deze uitleg is aan Gianny nog niet besteed. Dat komt wel als hij wat ouder is.
Het Gianny-woord is er weer uit. We gaan weer Gianny-eren. Een fietstochtje op een zonnige, frisse maandagmiddag. Vanuit de Faunabuurt, langs de grote woonschepen in De Hoge Vaart naar de Kemphaan. En daar is het dus onder andere AAPies kijken. Ik ontdek een viertal soorten: allereerst is er de vlooiende mantelbaviaan.
Verder loopt de verlegen groene baviaan rond. Als je bij hem in de buurt komt, verstopt hij zich tussen de bosjes.
En tenslotte noem ik de berberapen. Waar die op lijken?
Er gelden diverse regels, zoals ‘niet voeren’, dat is heel normaal in een dierentuin. Maar dit is geen dierentuin en hier wordt verzocht om in de buurt van de apen ook niet te rennen, geen gekke bekken te trekken, niet hard in de handen te klappen en geen apenstreken uithalen. Alles wat de apen in de stress kan laten schieten moet worden voorkomen. Want veel van de beestjes bij stichting AAP komen juist uit een stresssituatie.
Gianny vermaakt zich hier prima, er zijn voldoende kinderen om mee te spelen op een van de speelveldjes. Daarnaast kan hij klimmen over bruggetjes.
En pikt hij wat tussendoortjes mee, je weet wel van die smalle gangetjes bestaand uit ondoordringbare heggen. Nu nog bruin en dor, maar straks weer groen en levend.
Dat brengt hem bij de geiten en de schapen. De eerste lammetjes staan al buiten, de pas geboren diertjes moeten nog even binnen blijven.
En ook hier geldt: rustig aan doen, niet schreeuwen, verstoor de rust niet.
Overigens is Gianny niet alleen naar de Kemphaan geweest. Ik was er ook.
Nee, dit ben ik niet. Dit is het varken dat zijn eten maalt. Als we die hebben gezien wordt het weer tijd om naar huis te gaan, naar mamou.
‘Ho, stop. Nog niet stoppen. Je hebt het over vier soorten apen gehad en je hebt er maar drie genoemd. Is die vierde aan je aandacht ontsnapt?’
Nee hoor, jullie hebben hem al gezien. Maar goed hier is-ie dan nogmaals.
Een slapende snotaap.
Ruziezoeker. In mijn verouderde woordenboek is dat de vertaling voor kemphaan. Toch is dat niet de kemphaan die de naamgevers van het Almeerse stadslandgoed voor ogen hadden. Nee, het terrein langs de Waterlandseweg is vernoemd naar Philomachus Pugnax.
De kenners weten al genoeg, de onwetenden vragen zich af: wie is Philomachus Pugnax?
Het lijkt in de verste verte niet op het woord kemphaan.
Nou die vraag is dus ook verkeerd gesteld. Het moet zijn: wat is Philomachus Pugnax?
En het antwoord is dan eensluidend: kemphaan. Een vogel die tot de familie van de strandlopers behoort en op vochtige graslanden en moerassen broedt. En vochtig was het in den beginne in Flevoland. Maar of die kemphaan er ook daadwerkelijk rond heeft gelopen? Ik heb zo mijn twijfels en bij het Almeerse educatieve centrum blijft men het antwoord ook schuldig. ,,Geen idee mijnheer.’’
En stoer is het landgoed zeer zeker.
Je kunt er heerlijk over dwalen, het gebruiken als startpunt voor een wandeling van Staatsbosbeheer, de stadsboer is op het terrein gevestigd, er is een winkel (niet altijd open) en een restaurant, en het educatieve centrum Eksternest (stond ooit bij Almere Haven in het Beginbos) is er gevestigd. En vanwege die combinatie kom je regelmatig schoolkinderen tegen, die een praktijklesje in de open lucht krijgen.
En natuurlijk mag ik de apen niet vergeten, waar we ons met zijn allen heerlijk aan kunnen vergapen.
Deze uitleg is aan Gianny nog niet besteed. Dat komt wel als hij wat ouder is.
Het Gianny-woord is er weer uit. We gaan weer Gianny-eren. Een fietstochtje op een zonnige, frisse maandagmiddag. Vanuit de Faunabuurt, langs de grote woonschepen in De Hoge Vaart naar de Kemphaan. En daar is het dus onder andere AAPies kijken. Ik ontdek een viertal soorten: allereerst is er de vlooiende mantelbaviaan.
Dat brengt hem bij de geiten en de schapen. De eerste lammetjes staan al buiten, de pas geboren diertjes moeten nog even binnen blijven.
Overigens is Gianny niet alleen naar de Kemphaan geweest. Ik was er ook.
‘Ho, stop. Nog niet stoppen. Je hebt het over vier soorten apen gehad en je hebt er maar drie genoemd. Is die vierde aan je aandacht ontsnapt?’
Nee hoor, jullie hebben hem al gezien. Maar goed hier is-ie dan nogmaals.
29 maart 2009
28 maart 2009
24 maart 2009
22 maart 2009
Granny’s little helper
Een lang gekoesterde wens van Tineke is een hulp in de huishouding. De eerste paar keer dat dit onderwerp ter sprake komt, ga ik er pal tegenin. ‘Dat is toch nergens voor nodig.’ De meiden wonen bovendien nog thuis en kunnen ook een handje helpen. En ik ben er ook nog. Nee, strijken doe ik niet. Nou ja, een enkele keer een broek of een overhemd voor mezelf, maar die draag ik zelden, dat overhemd dan.
En nog wat, een echt fantastische schoonmaker ben ik ook niet. Maar de was, de vaat, stofzuigen, boodschappen doen, koken, zijn allemaal onderdelen van de huishouding waar ik me zo nu en dan mee bezig houd.
Die vier kleine woordjes zo nu en dan, die doen het hem waarschijnlijk. Daarom komt het onderwerp toch regelmatig voorbij. En niet te vergeten onze kleine meiden zijn groter gegroeid, volwassen geworden en bestieren zo goed en zo kwaad als het kan hun eigen huishouding.
Nu de dochters er niet meer zijn moeten wij het met zijn tweetjes zien te rooien en dus komt de vraag steeds vaker terug: ‘Zullen we een hulp in de huishouding nemen.’ Ik doe of ik niets hoor. Daar ben ik goed in geworden. Eh, meestal hoor ik ook niets, omdat ik mijn oren niet te luisteren leg. Een antwoord krijgt Tineke in ieder geval niet.
Maar ineens is-ie er; de hulp in de huishouding. Ik zal hem hier even voorstellen. Vrij vertaald naar de titel van een oude song van The Rolling Stones: Granny’s little helper. Nee het is geen afwasborstel, zoals iemand uit het hofje waar we woonden ooit aan zijn vrouw gaf nadat ze voor de duizendste keer om een vaatwasmachine vroeg. Oze hulp is een mens van vlees en bloed.
Het is ontegenzeggelijk een hij. Niet geschikt voor het zware werk, maar dat kun je een hulp in de huishouding ook niet laten doen, zwaar werk. Het is zoals het woord al zegt een hulp.
Altijd behulpzaam. Bij het stofzuigen, afwassen, stof afnemen, deuren lappen, honden uitlaten, perssinaasappelen voor de volgende dag klaar leggen.
Allemaal van die kleine klusjes, die je zelf ook wel kunt doen, maar met een beetje hulp gaat het toch sneller. Waar twee doeken poetsen gaat het toch dubbel zo snel. Bovendien heeft hij er zelf heel veel plezier in, dus waarom zou je die hulp afwijzen.
En duur is hij ook niet. Een kopje thee, een glaasje limonade, een hapje eten. Daar is onze hulp al mee tevreden.
Onze hulp is er overigens niet op vaste tijden. Nee, hij heeft namelijk geen eigen vervoer en mag ook nog niet alleen reizen met het openbaar vervoer, veel te gevaarlijk. Daarom is onze hulp afhankelijk van de wegbrengservice. Soms komt hij al op zondagmiddag of op zondagavond en blijt slapen. Een andere keer verschijnt hij op de maandagmiddag. Maar altijd blijven er wel een paar klusjes voor hem liggen.
Voor Granny’s little helper.
Een lang gekoesterde wens van Tineke is een hulp in de huishouding. De eerste paar keer dat dit onderwerp ter sprake komt, ga ik er pal tegenin. ‘Dat is toch nergens voor nodig.’ De meiden wonen bovendien nog thuis en kunnen ook een handje helpen. En ik ben er ook nog. Nee, strijken doe ik niet. Nou ja, een enkele keer een broek of een overhemd voor mezelf, maar die draag ik zelden, dat overhemd dan.
En nog wat, een echt fantastische schoonmaker ben ik ook niet. Maar de was, de vaat, stofzuigen, boodschappen doen, koken, zijn allemaal onderdelen van de huishouding waar ik me zo nu en dan mee bezig houd.
Die vier kleine woordjes zo nu en dan, die doen het hem waarschijnlijk. Daarom komt het onderwerp toch regelmatig voorbij. En niet te vergeten onze kleine meiden zijn groter gegroeid, volwassen geworden en bestieren zo goed en zo kwaad als het kan hun eigen huishouding.
Nu de dochters er niet meer zijn moeten wij het met zijn tweetjes zien te rooien en dus komt de vraag steeds vaker terug: ‘Zullen we een hulp in de huishouding nemen.’ Ik doe of ik niets hoor. Daar ben ik goed in geworden. Eh, meestal hoor ik ook niets, omdat ik mijn oren niet te luisteren leg. Een antwoord krijgt Tineke in ieder geval niet.
Maar ineens is-ie er; de hulp in de huishouding. Ik zal hem hier even voorstellen. Vrij vertaald naar de titel van een oude song van The Rolling Stones: Granny’s little helper. Nee het is geen afwasborstel, zoals iemand uit het hofje waar we woonden ooit aan zijn vrouw gaf nadat ze voor de duizendste keer om een vaatwasmachine vroeg. Oze hulp is een mens van vlees en bloed.
Het is ontegenzeggelijk een hij. Niet geschikt voor het zware werk, maar dat kun je een hulp in de huishouding ook niet laten doen, zwaar werk. Het is zoals het woord al zegt een hulp.
Altijd behulpzaam. Bij het stofzuigen, afwassen, stof afnemen, deuren lappen, honden uitlaten, perssinaasappelen voor de volgende dag klaar leggen.
Allemaal van die kleine klusjes, die je zelf ook wel kunt doen, maar met een beetje hulp gaat het toch sneller. Waar twee doeken poetsen gaat het toch dubbel zo snel. Bovendien heeft hij er zelf heel veel plezier in, dus waarom zou je die hulp afwijzen.
En duur is hij ook niet. Een kopje thee, een glaasje limonade, een hapje eten. Daar is onze hulp al mee tevreden.Onze hulp is er overigens niet op vaste tijden. Nee, hij heeft namelijk geen eigen vervoer en mag ook nog niet alleen reizen met het openbaar vervoer, veel te gevaarlijk. Daarom is onze hulp afhankelijk van de wegbrengservice. Soms komt hij al op zondagmiddag of op zondagavond en blijt slapen. Een andere keer verschijnt hij op de maandagmiddag. Maar altijd blijven er wel een paar klusjes voor hem liggen.
Voor Granny’s little helper.
21 maart 2009
20 maart 2009
13 maart 2009
8 maart 2009
27 februari 2009
22 februari 2009
Realiteit
Opgesierde wagens
trekken langs de mensen
zorgen voor hilariteit
De rookmachine
draait op volle toeren
Lucky Luck paft erop los
Fraaie sprookjesfiguren
dansen over straat
even weg uit de realiteit
Rokjes zwaaien
van de Dansmariekes
tot het ochtend wordt
Carnaval vier je
met zijn allen tot
het haringhappen toe
Opgesierde wagens
trekken langs de mensen
zorgen voor hilariteit
De rookmachine
draait op volle toeren
Lucky Luck paft erop los
Fraaie sprookjesfiguren
dansen over straat
even weg uit de realiteit
Rokjes zwaaien
van de Dansmariekes
tot het ochtend wordt
Carnaval vier je
met zijn allen tot
het haringhappen toe
19 februari 2009
15 februari 2009
Gianny
Een stapje achteruit
twee grote voorwaarts
kleine voetjes raffelen
op het gladde parket
Niet rennen Gianny
komt te laat boem
de deurpost bult
groeit op het voorhoofd
Twee blauwe ogen
kijken verlangend
de wijde wereld in
op zoek naar avontuur
Geborgenheid twee armpjes
om de nek van mammoe
kroelen door de baard
van opa ijsbeer
Nog even de weg
van het Hummeltje
naar volwassenheid
via De Sprinkhaan
Een stapje achteruit
twee grote voorwaarts
kleine voetjes raffelen
op het gladde parket
Niet rennen Gianny
komt te laat boem
de deurpost bult
groeit op het voorhoofd
Twee blauwe ogen
kijken verlangend
de wijde wereld in
op zoek naar avontuur
Geborgenheid twee armpjes
om de nek van mammoe
kroelen door de baard
van opa ijsbeer
Nog even de weg
van het Hummeltje
naar volwassenheid
via De Sprinkhaan
Abonneren op:
Posts (Atom)
